Abdij Lilbosch – Echt
Cisterciënsermonniken

  1. Home
  2. /
  3. Uncategorized
  4. /
  5. H. HART : B...

H. HART : B : 2024 : Joh. 19, 31-37

Broeders en zusters,

Wanneer voor Jesus alle verhoren door Kajafas en Pilatus voorbij zijn, wanneer Jesus’ kruisdragen voorbij is en het kruis is opgericht, wanneer Jesus’ doodsstrijd gestreden is en alle adem voorgoed uitgeademd, – wat is er dán nog? – ìs er dan nog iets?

Wanneer – breder getrokken – mensen in hun pijn en leed en vragen alles uitgeschreeuwd hebben, wanneer ondraaglijk leed mensen verstomd heeft, omdat woorden en gevoelens niet toereikend bleken om er lucht aan te geven, – wat is er dán nog? – ìs er dan nog iets?

Wanneer onschuldige burgerslachtoffers vallen in oorlogen, in Oekraïne, in Israël en daarna in Gaza, zonder ophouden, en verbijstering en woede daarover doodlopen in ondraaglijke machteloosheid, – wat is er dán nog? – ìs er dan nog iets?

Wanneer in een leven met God, dus ook in een gebedsleven, alles dood-stil is geworden, en vooral doods-stil, wanneer God verdwenen lijkt, wanneer zelfs de schrijnende Godverlatenheid versleten en verdampt is en plaats gemaakt heeft voor een lege, vlakke dofheid of voor een vlucht in verslavende, nietszeggende en nietsgevende verstrooiing, – wat is er dán nog? – ìs er dan nog iets?

Wanneer de Kerk (ons geestelijke huis!) – wanneer de Kerk in onze streken, lijkt te sterven en te verdampen, wanneer dat proces onafwendbaar lijkt, wanneer ondraaglijk veel kerkgebouwen doodse, lege ruimtes geworden zijn, in afwachting van een herbestemming (een herbestemming die nota bene vaak in de sfeer ligt van nietszeggende verstrooiing en leeg amusement), – wat is er dán nog? – ìs er dan nog iets?

– Ja: wat ís er dán nog? – ìs er dan nog iets? Dan is er nog, zo zegt het evangelie vandaag, dan is er nog het doorstoken, gapend-open hart van Jesus: om naar op te kijken, om daar láng naar op te kijken; dan is er nog het doorstoken, gapend-open hart van Jesus, om dat láng te ‘schouwen’, en dan daar je ogen en jezelf in te verliezen.  En dat ‘lang’ hoeven we niet te kort nemen, moeten we niet te kort nemen, mogen we niet te kort nemen. Dat ‘lang’ kan en mag en moet écht láng zijn….

En wanneer we dan láng dat doorstoken, gapend-open hart van Jesus geschouwd hebben, en onze ogen en onszelf daarin langzamerhand verloren hebben, dan kan er van voorbij de doodse stilte en van voorbij de dode leegte een beweging op gang komen. De evangelist noemt dat een bewegen, een vloeien, een stromen, van water en bloed, vanouds verstaan als verwijzend naar doop en eucharistie. Dan kan er dus van voorbij de doodse stilte en van voorbij de dodelijke leegte een bewegen, een vloeien, een stromen op gang komen van Gods werk aan ons, en van ons meegenomen worden daarin: een Paas-beweging.

De Duitse priester en denker Heinrich Spaemann heeft eens gezegd: Wat wij voor ogen houden, dat vormt ons, daarin worden wij omgevormd. En wij komen daar, waarheen wij schouwen*.

Het evangelie van vandaag wijst op het aller-, aller-, allerlaatste, wat altijd nog kan, wat zelfs nog kan ook als er niets meer is, juist nog kan als er niets meer is: opkijken naar Jesus’ geopende hart, daarnaar schouwen. Dat zal ons, juist ook als er niets meer is, vormen en meetrekken in Gods werk aan ons: ons vormen en meetrekken in het hart van God.    —   Amen.

br. M.

* Was wir im Auge haben, dat prägt uns, dahinein werden wir verwandelt. Und wir kommen, wohin wir schauen.

Scroll naar boven